Bezoeken / Gentse geschiedenis

Onder Bourgondië

Beluister deze pagina met proReader

Foto de Witte Kaproenen
De Witte Kaproenen

Door zijn huwelijk met Margaretha van Male, de enige dochter van de laatste graaf, kwam Vlaanderen in 1383 het bezit van Filips de Stoute, hertog van Bourgondië. Waren de Gentenaars in staat geweest hun graven af en toe uit hun gebied te verdrijven, dan slaagden ze daar voortaan niet meer zo goed in. Spoedig ook moesten ze ondervinden dat de Bourgondische hertogen nu groter belang gingen toekennen aan de veel vreedzamere buren van het hertogdom Brabant. Daar waren steden als Antwerpen, Leuven, Brussel, Mechelen en 's-Hertogenbosch in volle expansie. Elke opstoot van onafhankelijkheidsdrang te Gent werd door de Bourgondische vorsten hardhandig onderdrukt en met vernederende vredesbepalingen afgesloten. Daarbij kwam dat het de Gentse lakenwevers lang niet meer voor de wind ging, door de concurrentie van de nieuwe textielcentra van Noordwest-Europa, namelijk Brabant, Holland en Engeland, en tevens van de goedkopere werkers van het Vlaamse platteland. Dat de stadspolitie der Witte Kaproenen geregeld tijdens gewelddadige raids de weefgetouwen der plattelandslui ging stukslaan, vermocht het tij niet te doen keren.

Alhoewel dus vanaf 1350 de tekenen van verval in vele geledingen van de stedelijke samenleving onmiskenbaar waren, bleef Gent niettemin een belangrijke handels- en nijverheidsplaats. Honderden Gentenaars profiteerden onverminderd van het feit dat, dank zij het stapelrecht, de graanhandel in het hele graafschap bijna uitsluitend via hun stad verliep. De wijnhandel floreerde. Aan de verschillende aanlegplaatsen bedienden de schroeders hun houten hijskranen voor het lossen van vaten en andere zware vrachten.

De Gentse schippers van hun kant beheersten meer dan ooit de scheepvaart op de grote Vlaamse binnenwateren. Zo plukten ze de vruchten van de nooit aflatende bezorgdheid van Gent om over een goed waternet te beschikken. Zelf had het stadsbestuur de natuurlijke waterlopen Leie en Schelde al in het midden van de 13de eeuw uitgebreid met de Lieve, een kunstmatig gegraven kanaal van liefst 45 km lang tussen Gent en het Zwin bij Damme. Toen de Brugse Zwinhavens na 1500 het aureool van internationaal handelscentrum moesten afstaan aan Antwerpen, wenste Gent dan in deze nieuwe richting de Sasse Vaart te graven naar Sas van Gent aan de Westerschelde.

 

Terug naar de bovenkant
Print deze pagina
#
Stad Gent, Botermarkt 1, 9000 Gent, tel. +32 (0)9 210 10 10, fax +32 (0)9 210 10 20, e-mail gentinfo@gent.be