Op zoek naar een concrete invulling voor de Groenpool Gentbrugse Meersen werden al eerder een aantal studies opgemaakt. Zo kwam in 1995 het "Ontwikkelingsplan Gentbrugse Meersen" tot stand. Daarna volgde een tweede studie, de "Natuurstudie Gentbrugse Meersen", die tot doel had een aantal hiaten in het ontwikkelingsplan gedetailleerd te onderzoeken.
Ondertussen werden er meer gegevens bekend over de aanwezige bodemverontreiniging. Ook die bepalen mee de ontwikkelingsmogelijkheden van het terrein. Uiteindelijk drong een synthesenota van alle documenten zich op.
De hoofddoelstelling uit het ontwikkelingsplan van 1995 blijft behouden: de uitbouw realiseren van een grootschalig groengebied met extensieve recreatie en natuurontwikkeling, in relatie tot de stad Gent.
Ruimtelijk Structuurplan
In het Ruimtelijk Structuurplan van Gent, goedgekeurd op 9 april 2003, vormen de Gentbrugse meersen één van de vier te ontwikkelen groenpolen rond Gent. Deze vier groenpolen maken zowel onderdeel uit van de gewenste cultureel-recreatieve structuur als van de gewenste ruimtelijke groenstructuur. Bij de Gentbrugse meersen gaat het om een gebied waarvan de westelijke rand wordt uitgebouwd tot een bosrand (ca. 70 ha) met recreatie. De oostelijke rand kent een natuurlijker opbouw, waarin passieve recreatie mogelijk blijft, naast grondgebonden en beheerslandbouw. Dit oostelijke deel loopt bij voorkeur door in de Damvallei.
RUP Afbakening Grootstedelijk Gebied
Ook in de groenstructuur die geschetst wordt in de Vlaamse studie van de Afbakening Grootstedelijk Gebied Gent (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, goedkeuring december 2005) maken de Gentbrugse meersen samen met de Damvallei deel uit van een 650 ha grote groenpool. De hele groenpool omvat dus een gedeelte van het alluvium van de Benedenschelde dat zich min of meer situeert tussen de kernen Destelbergen en Heusden. De inrichting van deze groenpool zal in de eerste plaats moeten leiden tot een verweving van de huidige natuurwaarden met de (toekomstige) recreatieve wensen. In tweede instantie komt het erop aan om meer samenhang te brengen in het gebied en de versnipperde delen onderling met elkaar te verbinden in een recreatief netwerk.
Om dit alles te realiseren was het noodzakelijk dat de Stad Gent overging tot aankoop van de gronden. Dit gebeurt gefaseerd, waarbij telkens na het verwerven van een deelgebied, kan gestart worden met de inrichting ervan.
Bij de opmaak van de fasering werd rekening gehouden met locatie van de potentieel verontreinigde percelen in het gebied. Daarom begonnen we met de verwervingen binnen de toekomstige toegangsas en de centrale riviernatuurzone.
In een tweede fase wordt de zuidelijke riviernatuurzone verworven en ingericht. Pas nadien zal gestart worden met de percelen ten noorden van de E17.